In het glooiende zuiden van Zweden bouwt een man een vesting van schroot en cement voor als de bom valt.
Tijdens de Koude Oorlog raakt de Zweedse landarbeider Karl steeds meer in de ban van de dreiging van een mogelijke invasie. In stilte begint hij zijn boerderij te veranderen in een zelfgebouwde vesting van schroot en metaal, bedoeld als toevluchtsoord voor zichzelf en zijn omgeving. Zo gebruikt hij fietswielen, ijzerdraad, spoorrails, lege verfblikken en kippengaas. Het is een poëtische film over angst en idealisme en de dunne grens tussen bescherming en obsessie, gezien door de ogen van de gemeenschap die met verwondering en onbegrip toekijkt. De rol van Karl wordt gespeeld door Denis Lavant, de acteur die bijna een kunstvorm op zich is.